Jordanië: van het wereldwonder Petra en de enorme woestijn

Mijn allereerste stappen op grond in het Midden-Oosten vinden plaats in Jordanië. Het koninkrijk staat bekend om zijn warme banden met het Nederlandse koningspaar. Een opvallend rustig land in een onrustige regio. Kort samengevat: een enorme woestijn met een wereldwonder. “Beter overslaan?” vraag je je nu misschien af. Mijn antwoord: “Absoluut niet! Jordanië is een bezoek meer dan waard.”

Op de grens met Israël

Wanneer ik ‘s ochtends wakker wordt en de gordijntjes van mijn hut openschuif, zie ik de haven van de stad Aqaba. Of eigenlijk het haventje, want het stelt niet heel veel voor. Zeker wetende dat dit de enige haven van het land is. De stad grenst aan de Israëlische badplaats Eilat. “Maar is dit dan geen gevaarlijk gebied?” is de eerste vraag die door mijn hoofd spookt. Gids George wuift direct mijn zorgen weg: “Jordanië grenst aan Israël, Syrië, Irak en Egypte. Allemaal conflictgebieden. Maar Jordanië is juist heel stabiel. Dat heeft ermee te maken dat we geen bronnen, zoals olie, hebben. En er een afhankelijkheid is van onze buurlanden.”

De havenstad Aqaba

Sterker nog, in Aqaba zijn ze druk om toeristen te trekken. Het is een populaire duikplek en een belastingvrije zone. Dus laat die bezoekers maar komen! Ik ga echter niet de stad in, maar stap in een bus die me naar het wereldwonder Petra brengt. Maar niet voordat we een stuk door de Wadi Rum Desert gereden zijn. Ondertussen vertelt een dolenthousiaste George ons alles over Jordanië. Hij is al 34 jaar gids, maar dat doet niets af aan zijn liefde voor het land. En hij heeft in die tijd een eindeloze stroom feitjes verzameld, die hij met een grote glimlach over ons uitstort.

Steenrijk straatarm in Jordanië

“Er valt gemiddeld maar 35 millimeter regen per jaar, dus we zijn qua drinkwater afhankelijk van Syrië en Israël.” legt George uit. Ondertussen wordt zijn bewering bevestigd door het landschap. Onze wereld is beige gekleurd… zand, af en toe een rots en struikjes die lijken op tumbleweed. Eentonig, maar indringend. Dorpjes zien er erg armoedig uit, er ligt overal rotzooi op straat en er staan veel onafgebouwde huizen. George: “Het land Jordanië en zijn inwoners zijn inderdaad straatarm.”

Onderweg door Jordanië

Het land heeft echter een steenrijke koninklijke familie. De verhalen van George klinken als het script van een soapserie: “We hebben een beeldschone koningin die jurken van 200.000 dollar draagt. Onze koning is gokverslaafd. Maar eigenlijk mag niemand dat weten. Dus vloog hij naar Zuid-Afrika om ‘anoniem’ te kunnen gokken. Hij verloor enorm. Zelfs zijn koninklijke jet vergokte hij daar. Daardoor kon hij dus niet meer naar huis vliegen!”

Wadi Rum

Ondertussen wordt het uitzicht steeds weidser. Uit het niets staat er ineens een rechthoekig betonnen gebouw. Het blijkt een winkeltje te zijn. Achter de kassa is een man druk in gesprek met een paar locals. Hij heeft de typische wit-rode keffiyeh, de Arabische sjaal, om zijn hoofd gebonden. Later lees ik dat deze kleurencombi bij Jordanië past, terwijl ze in Oman bijvoorbeeld vaker gekleurde versies dragen. Het winkeltje is volgepropt met prullaria en het is een drukte van jewelste met schreeuwende locals die hun waren proberen te slijten. Snel vlucht ik naar buiten en ontdek achter het gebouw een ontzagwekkend berglandschap. Had ik me toch bijna laten afleiden van al dit moois!

Wadi Rum
Wadi Rum is uitgestrekt
Even stoppen in een machtig landschap

Het pretpark Petra

De bus manoeuvreert door de smalle straatjes van het dorpje Petra. Het is een drukte van jewelste, overal klinkt getoeter en geschreeuw. Uiteindelijk draaien we een parkeerplaats op vol met andere touringscars, zoals je bij een gemiddeld pretpark zou verwachten. “Huh, maar het wereldwonder ligt toch in de bergen?” vraag ik vertwijfeld aan mijn buurvrouw in de bus. Ze haalt haar schouders op: “Geen idee…” Vol vragen verlaten we de bus en belanden we midden tussen de toeristische winkeltjes. Voorbij de parkeerplaats ligt een hypermodern museum, dat in schril contrast staat met de stoffige straten.

Dan komen we bij ingangspoortjes die mijn beeld van een pretpark nogmaals bevestigen. George roept de groep uit de bus bij elkaar: “Wie denkt dat het te ver wandelen is, kan beter nu te paard gaan. Dat paardritje zit bij de entrée in, maar je moet de begeleider wel 5 dollar fooi geven, anders komen ze je achterna.” Ik was me niet bewust dat we flinke stukken gingen wandelen, maar ik ben inmiddels op een punt dat ik alles maar op me af laat komen. En vervolgens doet George nog een schepje bovenop mijn verbazing: “Wij hebben nu vier uurtjes de tijd. Dat is veel te kort, sommige mensen brengen hier wel drie dagen door. Maar ik probeer jullie zoveel mogelijk hoogtepunten te laten zien.”

De weg naar Petra

The Treasury

Via een breed pad wandelen we langzaam dalend steeds verder een berglandschap in, steeds dieper een soort canyon in. Parallel aan ons wandelpad loopt een pad voor alle vierpotigen. Hier hobbelen voornamelijk ouderen op de rug van een paard of ezel voorbij. Dan raast er een soort koets voorbij in noodtempo. De aparte paden worden langzaam één als we in een soort kloof (de siq) wandelen. Verschillende keren spring ik opzij voor voorbijrazende koetsen. Degenen in die koets moeten toch wel misselijk zijn want ze worden alle kanten op geslingerd. Het pad is als een oud Romeins pad bestaande uit grote stenen.

Veel toeristen in Petra
Door de siq oftewel kloof
Het wereldwonder Petra
Alles voor de show!
Paarden bij Petra
Drukte in de kloof
Acro yoga in de kloof

Ineens komt The Treasury in zicht. De kloof houdt het zonlicht tegen, dus wij lopen in de schaduw. Maar The Treasury bevindt zich in een open stuk en het zonlicht laat het lijken of deze rotstempel van goud is. De tempel lijkt wel in brand te staan, zo schijnt het felle licht me tegemoet. Dit is het plaatje zoals ik het ken van internet. Alleen, wat is het druk! Een mierenhoop van mensen verdringt zich om de mooiste selfie te maken. En toch… deze in rotsen uitgehakte graftombe torent hoog boven mij uit en bevat zoveel details. Ik kan niet anders dan onder de indruk zijn.

The Treasury komt in beeld
The Treasury
Een graftombe in de rots
The Treasury is het bekende deel

Stad van de Nabateeërs

“Ok, dit was het dan…” denk ik, terwijl ik tussen de menigte speur om gids George te vinden. Ineens zie ik hem een andere kloof in verdwijnen. Ik wurm me tussen de menigte om hem te bereiken. Ik hoor hem nog net zeggen: “… er ligt nog een gigantisch klooster en een kerk verderop, maar daar hebben we geen tijd meer voor. We lopen snel verder zodat ik jullie nog een ander deel van de stad kan laten zien.” Tot mijn verbazing kom ik erachter dat het wereldwonder niet zozeer de graftombe zelf is, maar de complete stad die zich uitstrekt over een kilometers groot gebied.

Petra is een complete stad
Even rusten bij de rotsstad
Petra is immens groot
Dit deel is weidser
Overal zijn uitgehakte rotswoningen

George laat ons kleine en grote resten zien van rotswoningen. Ondertussen vertelt hij verhalen over de geschiedenis. Petra is de Griekse naam die de Nabateeërs aan hun hoofdstad hadden gegeven. Rond het begin van de jaartelling zou dit het thuis zijn geweest voor ongeveer 25.000 mensen. Er ligt een Romeins uitziende arena en de ene rotswand is nog indrukwekkender dan de andere. George gaat razendsnel en ik probeer tegelijkertijd naar hem te luisteren, te fotograferen en dan ook nog alles op me in te laten werken.

Het Romeinse aandoende deel van Petra
De nodige toeristenwinkeltjes bij het wereldwonder

Een Arabische Jack Sparrow

Het is een bizarre combinatie: de toeristische chaos en massaliteit, de overheersende kloven en de onwerkelijke historie van de uitgehakte stad. Als ik door de siq weer terug wandel naar de parkeerplaats moet ik deze keer aan de kant voor kamelen met een vlaggetje op hun kop. Op hun rug zit een soort Jack Sparrow (het karakter van Johnny Depp in de film Pirates of the Caribean), traditioneel gekleed met keffiyeh om het hoofd en zwartomrande ogen. Maar ook met leren jasjes en met de muziek van Pharrell Williams die uit de speakers van hun telefoon schalt.

Kamelen met een vlaggetje op hun kop
Een kameel

Duizend kleuren

Als ik uiteindelijk in de bus weer op weg naar Aqaba zit, heb ik eindelijk de kans om alles te verwerken van deze dag. George vertelt nog dat we vandaag minimaal 10 kilometer gewandeld hebben. Ondertussen zakt de zon achter de bergen van Wadi Rum en geeft de bergen iedere paar minuten een andere kleur. Ik probeer het op de foto te krijgen, maar blijkbaar is dit alleen bedoeld om te ervaren…

Tijdens mijn reis door het Midden-Oosten bracht ik ook een bezoek aan Oman.

Lees de reisreportage Bergavontuur, dunebashing en waterpret in Oman.