De Grande Rota de Santa Maria: wandeldag 1 op de Azoren

Wandeldag 1: van Malbusca naar Lapa

Er prikt een zonnestraal in mijn gezicht. Langzaam doe ik mijn ogen open. Het duurt een moment voordat ik me realiseer waar ik ben. Gisteravond zijn we in het donker aangekomen op het Azoren-eiland Santa Maria. Ik schuif uit mijn bed en in mijn slippers en loop door de openslaande deuren naar buiten. Mijn voeten worden direct nat van de dauw van afgelopen nacht. Als ik buiten sta, ontvouwt zich een weids landschap. Ik hoor het ruisen van de zee, links en rechts liggen uitgestrekte grasvelden, in een glooiend landschap, afgebakend met stenen muurtjes. En een enkel wit huisje met de voor Santa Maria zo typische schoorsteen. Achter mij ligt onze slaapplaats van vannacht.

Ochtend op Santa Maria

Zo begon de reportage die ik voor Wandelmagazine schreef over de Grande Rota de Santa Maria. Een lange afstandswandeling van bijna 80 kilometer die helemaal rond het Azoorse eiland Santa Maria loopt. Omdat ik in de reportage in Wandelmagazine lang niet alles kwijt kon wat ik daar beleefde, dit nieuwe reisverhaal. Of eigenlijk een serie reisverhalen. Want over elke wandeldag schrijf ik een apart verhaal. Er is zoveel te vertellen over dit magische eiland. Dit is het verhaal over de eerste wandeldag van Malbusca naar Lapa.

Na de hurricane

Die ochtend ben ik vooral heel blij dat ik op Santa Maria ben. De afgelopen week raasde hurricane Lorenzo over het gebied en maakte het onzeker of er wel vliegtuigen naar het eiland zouden gaan. Gelukkig zijn de bewoners van de Azoren wel wat gewend en bovendien volledig afhankelijk van het luchtverkeer. Het vliegveld van Santa Maria is een kleintje. Maar wel de grootste van de Azoren. Het is namelijk een oude ‘geheime’ Amerikaanse basis. Een houten verkeerstoren en wat rechthoekige gebouwtjes doen herinneren aan vroeger tijden toen het een stuk drukker op dit eiland was. In de tijd van de Amerikaanse basis woonden er zo’n 15.000 mensen op Santa Maria. Nu is dat nog maar een derde.

Gisteravond werden we door Ioannis en Rita welkom geheten. Zij zijn de uitbaters van de shelters op de wandelroute. Maar eerst was het tijd voor een goede basis. We aten vis in een restaurantje in de haven. Normaal zou dat verse vis zijn geweest, maar door de hurricane waren de vissers niet uitgevaren en moesten we het met iets oudere exemplaren doen. Tijdens het diner ontmoet ik Aldualdo. Hij zal mij (of mijn bagage) de komende dagen waar nodig over het eiland verplaatsen. En zorgen dat de shelters zijn voorzien van eten en drinken.

Shelter Malbusca

Van Malbusca naar Lapa

De eerste wandeldag ga ik van een shelter met de naam Malbusca naar eentje met de naam Lapa. In totaal een tocht van 12,2 kilometer, waar ik volgens de kaart zo’n 6 uurtjes over zal wandelen. Na een lekker ontbijtje, samengesteld uit de ingrediënten van de koelbox (zie filmpje), ga ik op pad. Mijn shelter ligt bovenop een heuveltje met een erg fijn uitzicht. Er staan nog wat andere huisjes in de omgeving, maar je kunt niet echt van een dorpje spreken. De start van deze route gaat over een verharde weg parallel langs de kust. Ik heb de weg voor mij alleen, er is geen mens te bekennen in de weide omgeving. Dan buigt de route af en wandel ik over een stuk met rood zand.

Onderweg langs de zuidkust van het eiland
Verharde wegen waar geen mens te bekennen is
Rood zand

Aloë Vera en koeien…

Er volgen klappoortjes en voor me ligt een weiland tegen een heuvel op. Mijn eerste klimmetje! Ik zoek naar de juiste route, maar eigenlijk is die er niet. Het doel is duidelijk: een soort betonnen militaire uitkijkpost bovenop de heuvel. Aan de andere zijde daal ik de heuvel weer af. Hier moet ik over een stenen muurtje. Die heb ik hier al veel gezien en doen aan Schotland denken. Dan komt er een zwarte rotsmuur met waterval in zicht. Via een smal pad tussen de Aloë Vera door, kom ik uiteindelijk onderaan de waterval uit. Er komt niet heel veel water over de rotsen gekletterd, maar toch is het een bijzonder zicht.

Dwars door de weides richting het uitzichtpunt
De waterval

Na weer omhoog geklauterd te zijn, gaat de route verder door het groen. Midden in het niets staat een schattig wit kapelletje. Het wordt steeds dichter begroeid totdat ik echt door het bos wandel. Door de modder en het mos op de keien stuntel ik naar beneden. Tot een riviertje en dan voert het pad weer bergop. Ineens sta ik midden tussen de koeien. Ik kan geen andere kant op dus ik probeer zonder ze te storen verder te lopen. Het is inmiddels lunchtijd, dus wanneer ik een huis met een muurtje er omheen zie, neem ik daar even pauze. De koelkast was vanochtend zodanig goed gevuld, dat ik ook nog een lunchpakketje heb kunnen samenstellen.

Door de modder in het bos

De witte vuurtoren

Na de lunch gaat de route verder over de verharde weg. Dat maakt het wat relaxter lopen dan het eerste deel. Dan heb ik ineens een prachtig uitzicht! Volgens de kaart sta ik nu op de zuidoost-hoek van het eiland. Een gracieuze, witte vuurtoren markeert de rotspunt en de scheiding tussen Santa Maria en de zee. Via een graspad kom ik steeds dichter bij de vuurtoren. Inmiddels zie ik de golven ook stukslaan op de rotsen, ergens ver onder me. Om daar te komen moet ik via een steile, stenen trap tussen oude wijnranken afdalen. Elke steen waar ik op sta, wiebelt en het vele onkruid maakt het moeilijk zien waar je voet neer te zetten.

Richting de vuurtoren
Het dorp Maia en de vuurtoren

Dan doorkruis ik het eerste dorpje: Maia. Ook hier heerst stilte. Het dorp lijkt wel uitgestorven. Ik heb al op de kaart gezien dat mij nog een steile klim te wachten staat, dus ik bereid me mentaal voor. Via een wijnrankenpad met wiebelige stenen ga ik deze keer weer omhoog. Ik moet om de paar meter stoppen om op adem te komen. En om achterom te kijken, want het uitzicht is echt oogverblindend. Het maakt de klim meer dan waard. Als ik dan ook nog een waterval in het oog krijg, interesseert me de krachtsinspanning van zojuist al helemaal niet meer. De route gaat nu door vlakker gebied. Ik steek een riviertje over met behulp van een touw en wat grote stenen. Na nog een stuk stijgen, begin ik langzaam een beetje bang te worden dat ik shelter Lapa heb gemist. Maar gelukkig vrees ik voor niets, want even later zie ik het stenen huisje midden in een wei liggen.

Uitzicht langs de oostkust
Tussen de wijnranken door
De route staat aangegeven
Over het beekje

Algemene informatie

Ik overnachtte in de shelters van de organisatie Ilha a Pe.
Dit zijn erg mooie, basic shelters waar je met maximaal 6 personen kunt overnachten.

Meer wandelverhalen vind je op de pagina ‘te voet‘.